Abstract
<jats:p>De maternaliteit van Birgitta van Zweden (1303-1373) heeft een andere betekenis in de geschiedenis van de late Middeleeuwen dan haar fysieke moederschap van acht kinderen. Haar visionaire gaven inspireerden Birgitta op haar levenslange pelgrimstocht vanuit Zweden in Italië en Palestina. In Rome heeft zij twintig jaar gewacht op de goedkeuring van haar kloosterregel (Regula Salvatoris) in 1370, grondslag van de Orde der Birgittinessen, die met dubbelkloosters wijd verspreid raakte in het Europa van de Middeleeuwen. Tijdens haar pelgrimstocht naar Palestina ontving zij twee belangrijke visioenen over het lijden en de geboorte van Christus. Haar maternaliteit vloeit in deze visioenen op mystieke wijze samen met die van Maria, een unieke literaire weergave van haar Imitatio Mariae. Een uitvoerige analyse van deze visioenen brengt de spiritualiteit van Birgitta scherper in beeld en leidt tot de ontwikkeling van het concept mystieke maternaliteit. Compassie en gemeenschap nuanceren in dit concept het traditionele beeld van Maria. In het onderzoek naar christelijke spiritualiteit kan dit concept van dienst zijn en bijdragen aan de verdere emancipatie van vrouwen en moeders in kerk en samenleving.</jats:p>